Gelukkig komt het niet goed

'Je kunt pas iets worden als je iemand bent', schreef cabaretier Vincent Bijlo onlangs. De in zijn jeugd uit een beroepskeuzetest gerolde baan als bierbrouwer is het dan ook nooit geworden, zijn passies en talenten lagen op het talige vlak. Hij verdient nu in zijn volwassen leven dan ook zijn brood als cabaretier.

Om te weten wat je wil, moet je weten wie je bent. En weten wie je bent, dat is een behoorlijk complexe vraag, die exponentieel meer werk vraagt om te beantwoorden naarmate je ontwikkelpotentieel groter is. Wanneer je 'alles' kan, wat wordt je dan? Het kan makkelijk lijken om te kiezen voor de weg van de minste weerstand: ent je acties en levenskeuzes op wat er in jouw omgeving gebruikelijk is en wat er van je verwacht wordt. Doen 'hoe het hoort'. Dan eindig je vast met een leuke partner en twee kinderen in een mooie doorzonwoning met een bijpassende auto voor de deur.

Ikzelf wordt al onrustig wanneer ik meelopen met de massa überhaupt overweeg, het heeft mij nooit gepast. (Al heb ik een vrouw, twee kinderen en een leuke woonplek, mijn auto is uit 2003.) Lange tijd werd mij, als odolescent en daarna, tegendraaadsheid verweten. In werkkringen of familie was ik 'daar heb je hem weer'. Ik heb ook verre van een regulier pad gevolgd in het leven, maar in mijn omgeving bestond altijd de impliciete hoop 'dat het wel goed zou komen'.

Nu weet ik inmiddels dat het gelukkig niet goed komt! Niet in de zin van dat je het ga 'doen zoals het hoort'. Dat je niet het pad loopt wat voor je bedacht wordt, maar weloverwogen je eigen pad kiest. Want voor wie moet het nu eigenlijk goed komen? Voor jezelf. En wat is 'goed' in deze? Dat wat jou past. Al lijkt het voor anderen niet goed te komen met je, wanneer je voor jezelf het gevoel hebt dat je doet wat bij jòuw waarden (eigenzinnig, maar niet anti-sociaal) past, dan komt het allemaal wel goed, lijkt mij!